Gastro-intestinale ziekten bij oudere paarden.


 

Paarden van middelbare leeftijd en ouder lopen meer kans om te sterven aan gastro-intestinale aandoeningen dan welke andere oorzaak dan ook, volgens een rapport van onderzoekers van de University of Kentucky, Department of Veterinary Sciences.

 

In een retrospectieve studie van twee jaar werden 113 necropsieën uitgevoerd bij paarden ouder dan 15 jaar. Resultaten van de studie toonden aan dat het primaire orgaansysteem dat bijdraagt aan de dood het gastro-intestinale systeem was, met specifieke diagnoses in deze categorieën: lipomen; vernauwing, devitalisatie of breuk van de dunne darm; torsie, impactie of breuk van de dikke darm; necrotiserende colitis van bacteriële of onbekende oorzaak.

 

Hoewel paardenvoedingsexperts geen garantie bieden voor een manier om oudere paarden ervan te weerhouden deze problemen te ontwikkelen, bieden bepaalde voedingsstrategieën een logisch vertrekpunt. Enkele voorbeelden:

  • Ruwvoer vormt de basis van het dieet. Ruwvoer van goede kwaliteit dat wordt gevoerd in overeenstemming met de energiebehoeften van een paard is van vitaal belang. Naast voldoende calorieën, dient men rekening te houden met de tandheelkundige gezondheid. Paarden die van gras of hooi proppen maken en deze vervolgens uitspugen, dienen gecontroleerd te worden door een gediplomeerd tandarts. Indien nodig moeten alternatieve vezelbronnen worden aangeboden, zoals grasbrok, bietenpulp of speciale seniorenmengsels.

  • Oudere paarden met gewichtsproblemen hebben vaak baat bij een krachtvoer dat gevarieerde energiebronnen bevat, wat betekent dat calorieën worden verstrekt door zetmeel (graankorrels zoals haver, maïs en gerst), vet (gestabiliseerde rijstzemelen en plantaardige oliën) en fermenteerbare vezels (sojaschroten en bietenpulp). Veel van deze voeders zijn in brokvorm verkrijgbaar, wat ook paarden met een slecht gebit kan helpen omdat ze gemakkelijker kunnen kauwen. Sommige voedermiddelen die speciaal zijn samengesteld voor oude paarden hebben een veel lagere voedingswaarde dan gewone voeders. Deze zullen in de juiste hoeveelheden moeten worden gevoerd, of worden aangevuld met vitamine-en mineralenpreparaten. 

  • Naarmate paarden ouder worden, kan de dynamiek van de kudde invloed hebben op de voeropname. Oudere paarden kunnen langer de tijd nodig hebben om te eten dan jongere paarden. Wanneer zij in de kudde staan met meer jonge, dominante paarden, krijgen de oudere paarden misschien niet hun eerlijke aandeel in ruwvoer of krachtvoer. Om problemen te voorkomen, kan je de oudere paarden van de kudde scheiden zodat zij hun rantsoenen veilig en comfortabel kunnen consumeren.

  • Onvoldoende drinken wordt verondersteld bij te dragen aan gevallen van verstopping. Hoeveel water een paard drinkt is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder het soort voeder, het weer en de werklast. Zorg te allen tijde voor vers, schoon water.

  • Parasieten kunnen voorkomen dat een paard zich fijn en gezond voelt. Meer en meer paardeneigenaren vertrouwen op mestonderzoeken om de ontwormingsstrategie te bepalen. Zodra de uitslag is vastgesteld, kunnen dierenartsen ontwormingsstrategieën inzetten die het best passen bij het oudere paard.

 

Hulp nodig bij het gezond houden van jouw oudere paard? Ik help je graag, neem contact op!

 

 

 

 

 

 

 

 

Source: KER